Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.De procedure
2.Het geschil
3.De beoordeling
- dagvaarding € 85,09
- griffierecht € 124,00
- salaris gemachtigde €
Rechtbank Limburg
Q-Park vordert betaling van €365,70 van gedaagde wegens overtreding van de parkeerovereenkomst door op 24 december 2019 zonder geldig parkeerbewijs het parkeerterrein te verlaten via treintje rijden. Q-Park baseert de vordering primair op toerekenbaar tekortschieten en subsidiair op onrechtmatig handelen. De algemene voorwaarden van Q-Park bevatten een boetebeding van €300,00 voor deze overtreding en een tarief van €18,00 voor een verloren kaart.
De kantonrechter kwalificeert de overeenkomst als een consumentenovereenkomst en beoordeelt ambtshalve de redelijkheid van het boetebeding. Gelet op jurisprudentie en de Richtlijn 93/13 wordt het boetebeding niet als oneerlijk of onredelijk bezwarend aangemerkt. De boete staat in redelijke verhouding tot de schade en het preventieve karakter wordt meegewogen.
Gedaagde heeft niet betwist dat hij het terrein op genoemde datum heeft verlaten zonder betaling. De gevorderde hoofdsom wordt toegewezen, evenals de wettelijke rente vanaf de datum van overtreding en de buitengerechtelijke incassokosten conform het toepasselijke besluit. Gedaagde wordt tevens veroordeeld in de proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van €365,70 aan Q-Park, vermeerderd met wettelijke rente en incassokosten.