ECLI:NL:RBLIM:2020:3561
Rechtbank Limburg
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen woningsluiting op grond van artikel 13b Opiumwet
De burgemeester van Maastricht legde op 3 maart 2020 een last onder bestuursdwang op tot sluiting van de woning van verzoekster voor drie maanden vanwege de aanwezigheid van een hennepdrogerij met 13,462 kg hennep. Verzoekster maakte bezwaar tegen dit besluit en vroeg om een voorlopige voorziening om de sluiting op te schorten.
De voorzieningenrechter beoordeelde het verzoek zonder zitting vanwege het spoedeisend belang en concludeerde dat de burgemeester bevoegd was tot sluiting op grond van artikel 13b van de Opiumwet. De omvang van de aangetroffen hennep overtrof ruimschoots de grens voor eigen gebruik, waardoor aannemelijk was dat de drugs bestemd waren voor verkoop.
Hoewel er geen concrete aanwijzingen waren voor drugshandel of overlast vanuit de woning, achtte de voorzieningenrechter de sluiting noodzakelijk als signaal tegen drugscriminaliteit. De belangenafweging leidde tot de conclusie dat de sluiting proportioneel en redelijk was, ondanks de medische situatie van verzoekster en haar dochter.
De voorzieningenrechter wees het verzoek om voorlopige voorziening af en liet de sluiting van kracht totdat op het bezwaar is beslist. Tegen deze uitspraak is geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de sluiting van de woning wordt afgewezen.