Op 18 mei 2017 werd verdachte samen met zeven anderen aangetroffen in een woning waar hennep werd geknipt. De rechtbank oordeelde dat het knippen van hennep een actieve bewerking is en dat verdachte als medepleger kan worden aangemerkt. De aanwezigheid van hennepresten, knipmateriaal en zeven knippers in een speciaal ingerichte ruimte vormden het bewijs.
De verdediging stelde dat verdachte slechts een ondergeschikte rol had en hooguit medeplichtige was, maar de rechtbank verwierp dit en stelde vast dat verdachte een substantiële bijdrage leverde. De rechtbank achtte bewezen dat verdachte samen met anderen 44,95 kilo hennepplanten en 835 gram henneptoppen bewerkte.
De rechtbank legde een taakstraf van 40 uur op, met aftrek van voorarrest, mede vanwege overschrijding van de redelijke termijn. De strafmaat werd niet gerelateerd aan de hoeveelheid hennep, maar aan de zelfstandige handeling van knippen. Verdachte werd vrijgesproken van overige tenlasteleggingen.