Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.De procedure
- de dagvaarding van 3 november 2020 met producties 1 tot en met 11;
- het tegen [eiser] verleende verstek.
Rechtbank Limburg
Partijen hadden een affectieve relatie en waren gezamenlijk eigenaar van een woning die belast was met een hypothecaire geldlening en een levensverzekering. Eiseres vorderde dat gedaagde medewerking zou verlenen aan de verkoop van de woning aan een derde partij.
De rechtbank oordeelde dat er geen juridische grondslag bestond voor deze vordering omdat partijen geen afspraken hadden gemaakt over de verdeling van de woning en de rechtbank ook geen verdeling had vastgesteld op grond van artikel 3:185 BW Pro. De vordering tot medewerking aan verkoop werd daarom afgewezen.
Daarnaast werden ook de overige vorderingen afgewezen omdat deze afhankelijk waren van de toewijzing van de hoofdvordering. De proceskosten werden gecompenseerd tussen partijen, waarbij ieder zijn eigen kosten draagt.
Uitkomst: Vordering tot medewerking aan verkoop woning wordt afgewezen wegens ontbreken juridische grondslag.