De rechtbank Limburg behandelde de zaak van verdachte die werd beschuldigd van mishandeling van een begeleider en het opzettelijk stichten van brand in de TBS-kliniek De Rooyse Wissel. De mishandeling bestond uit schoppen, slaan en krabben, terwijl de brandstichting plaatsvond in een afzonderingsruimte met gebruik van open vuur, wat leidde tot ernstige schade en gevaar voor personen en goederen.
De rechtbank baseerde haar oordeel op bekennende verklaringen van verdachte, aangiftes van slachtoffers en getuigenverklaringen. Psychiatrische deskundigen stelden vast dat verdachte leed aan een combinatie van een autisme spectrum stoornis, verstandelijke ontwikkelingsstoornis, en stoornissen in het middelengebruik, wat hem verminderd toerekeningsvatbaar maakte. Verdachte handelde impulsief uit frustratie over beperkingen binnen de kliniek.
Gezien de ernst van de feiten, de psychiatrische problematiek en het hoge recidiverisico, achtte de rechtbank een maatregel van TBS met dwangverpleging noodzakelijk. De rechtbank bepaalde dat alleen langdurige behandeling en beveiliging in een forensisch psychiatrische instelling het risico op herhaling kunnen beperken. Verdachte zal worden geplaatst in een kliniek in het noorden van Nederland, dichter bij zijn familie.
De rechtbank sprak verdachte vrij van overige ten laste gelegde feiten en legde de maatregel op zonder tijdsbeperking, gezien de aard van de misdrijven en het gevaar voor de samenleving. Het vonnis werd uitgesproken op 23 januari 2019 door een meervoudige kamer.