Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.Het onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.De beoordeling van het bewijs
- op 11 juni 2018 in de ochtend heeft verdachte Ome [slachtoffer 1] gebeld en gezegd dat hij hem kapot zou schieten;
- verdachte heeft op zijn bedrijf een vuurwapen gepakt en is diezelfde ochtend naar het woonwagenkampje aan de [adres 1] in Venlo gereden, waar (ook) Ome [slachtoffer 1] en tante [slachtoffer 2] wonen;
- verdachte is het woonwagenkampje op gereden, heeft zijn auto stil gezet ter hoogte van de woonwagen van Ome [slachtoffer 1] en tante [slachtoffer 2] , naast de daar geparkeerde auto van zijn oom en tante, en heeft toen meerdere malen, op korte afstand en op hoofdhoogte, in de richting van de in hun auto zittende oom en tante geschoten;
- verdachte is, na een aantal malen te hebben geschoten, doorgereden tot aan zijn eigen woonwagen, is uitgestapt en heeft zijn vuurwapen vervolgens herladen;
- verdachte heeft al lopend in richting van zijn oom en tante nogmaals meerdere malen gericht op hen geschoten.
g
4.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
5.De strafbaarheid van de verdachte
6.De straf en/of de maatregel
7.De wettelijke voorschriften
8.De beslissing
- verklaart het tenlastegelegde bewezen zoals hierboven onder 3.4 is omschreven;
- spreekt de verdachte vrij van wat meer of anders is ten laste gelegd;
- verklaart dat het bewezenverklaarde de strafbare feiten opleveren zoals hierboven onder 4 is omschreven;
- verklaart de verdachte strafbaar;
- veroordeelt de verdachte in de zaak met parketnummer 03/659189-18 voor het primaire feit en in de zaak met parketnummer 03/661116-18 voor feit 1, 2 en 3 tot een gevangenisstraf van 11 jaren;
- beveelt dat de tijd die door de veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in voorarrest is doorgebracht, bij de uitvoering van deze gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht.