Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.[verzoeker sub 1] en
[verzoekster sub 2],
[verzoeker sub 3], en
[verzoekster sub 4],
Rechtbank Limburg
De kantonrechter van de Rechtbank Limburg behandelde een vordering van vier reizigers tegen TUIfly vanwege een vluchtvertraging van meer dan drie uur op 15 februari 2018 van Tenerife naar Keulen. De verzoekers vorderden compensatie van €1.600, buitengerechtelijke incassokosten, wettelijke rente en proceskosten.
TUIfly voerde verweer met het beroep op buitengewone omstandigheden vanwege zware sneeuwval die het luchtverkeer onderbrak. De luchtvaartmaatschappij leverde echter onvoldoende bewijs, zoals een besluit van de luchtverkeersleiding of een NOTAM, om deze stelling te onderbouwen.
De kantonrechter oordeelde dat de procedure voor geringe vorderingen primair schriftelijk is en dat een mondelinge behandeling niet noodzakelijk was. Gezien het ontbreken van voldoende bewijs voor buitengewone omstandigheden werd TUIfly veroordeeld tot betaling van de compensatie, incassokosten en rente. Tevens werden proceskosten toegewezen en werd een bewijs van waarmerking in het Duits afgegeven.
Uitkomst: TUIfly wordt veroordeeld tot betaling van compensatie, incassokosten, rente en proceskosten wegens vluchtvertraging zonder bewezen buitengewone omstandigheden.