ECLI:NL:RBLIM:2019:1090
Rechtbank Limburg
- Beschikking
- Rechtspraak.nl
Ontslag executeur nalatenschap op eigen verzoek na compromis
De zaak betreft een verzoek van een erfgenaam om de executeur van de nalatenschap van de erflaatster te ontslaan wegens vermeende ongeschiktheid en communicatieproblemen. De executeur, tevens erfgename en zus van verzoeker, werd door de erflaatster benoemd en had haar functie aanvaard.
Verzoeker stelde dat de executeur niet in staat was haar taken adequaat uit te voeren, onder meer vanwege schulden en een verleden met verslavingsproblematiek, en dat dit de afwikkeling van de nalatenschap zou schaden. Verweerster betwistte deze beschuldigingen en gaf aan dat zij de nalatenschap zorgvuldig beheerde, met ondersteuning van een accountant, en dat zij de woning voorbereidde op verkoop.
De kantonrechter oordeelde dat de bezwaren van verzoeker onvoldoende concreet en onderbouwd waren om het ontslag van de executeur op grond van gewichtige redenen toe te wijzen. Partijen bereikten echter tijdens de mondelinge behandeling een compromis waarbij de executeur op eigen verzoek werd ontslagen en een notaris als boedelnotaris werd benoemd.
De kantonrechter wees het verzoek tot ontslag op gewichtige gronden af, maar verleende het ontslag op eigen verzoek en compenseerde de proceskosten zodat iedere partij haar eigen kosten draagt.
Uitkomst: De executeur wordt ontslagen op eigen verzoek na een compromis, het verzoek op grond van gewichtige redenen wordt afgewezen.