Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
Zittingsplaats Maastricht
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Limburg
Op 17 juli 2014 overleden de erflater en erflaatster gelijktijdig, waarbij de betrokkene hun enige erfgenaam is. Beide erflater en erflaatster hadden testamentair bewind ingesteld over de aan de betrokkene nagelaten goederen, maar voorzien niet in een opvolgend bewindvoerder indien de benoemde bewindvoerder niet zou aanvaarden.
De broer van de erflaatster, die tot bewindvoerder was benoemd, heeft zijn benoeming bij onderhandse akte geweigerd. Hierdoor is de kantonrechter op grond van artikel 4:157 lid 1 BW Pro bevoegd om nieuwe bewindvoerders aan te wijzen.
De kantonrechter benoemt mevrouw [bewindvoerder 1] en de heer [bewindvoerder 2] als testamentair bewindvoerders over de nalatenschap van de betrokkene. Tegen deze benoeming zijn geen bezwaren gerezen, en de beschikking is uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: De kantonrechter wijst het verzoek tot benoeming van twee testamentair bewindvoerders toe en verklaart de beschikking uitvoerbaar bij voorraad.