Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
coöperatieve rabobank u.a.,
1.De procedure
- het exploot van dagvaarding d.d. 10 juli 2017
- de conclusie van antwoord
- de conclusie van repliek
- de conclusie van dupliek.
2.De feiten
3.De vordering en het geschil
4.De beoordeling
niethoger is dan (een redelijke vergoeding van) het door haar geleden verlies of de door haar gederfde winst, zodat art. 6:237 sub i BW Pro niet eens in beeld komt, met andere woorden: er is geen vermoeden dat weerlegging behoeft.