ECLI:NL:RBLIM:2018:4223
Rechtbank Limburg
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Verzoek tot wraking van rechters niet ontvankelijk wegens te late indiening
Verzoeker heeft een wrakingsverzoek ingediend tegen de leden van de meervoudige strafkamer van de Rechtbank Limburg, wegens vermeende partijdigheid en onvolledigheid van het strafdossier. Het verzoek betrof het optreden van de rechtbank tijdens zittingen in november 2017 en het ontbreken van bepaalde stukken in het dossier.
De wrakingskamer oordeelde dat verzoeker het wrakingsverzoek niet tijdig had ingediend, aangezien hij zes weken wachtte nadat de gronden voor wraking bekend waren geworden. Dit werd als een onevenredig lange termijn beschouwd, waardoor het verzoek niet-ontvankelijk werd verklaard. Daarnaast waren de aangevoerde gronden over de samenstelling van het dossier prematuur, omdat hierover nog geen inhoudelijke beslissing was genomen.
De rechters hadden zich niet berust in het wrakingsverzoek en waren niet ter zitting verschenen. Verzoeker werd bijgestaan door zijn raadsman. De wrakingskamer benadrukte het uitgangspunt van rechterlijke onpartijdigheid en stelde dat er geen objectief gerechtvaardigde vrees voor partijdigheid bestond.
De beslissing werd in het openbaar uitgesproken op 15 maart 2018 door de wrakingskamer van de Rechtbank Limburg.
Uitkomst: Wrakingsverzoek niet ontvankelijk verklaard wegens te late indiening.