Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
- mr. R.A.M.M. Gijselaers,
- mr. J.M.G. Gunsing,
- mr. J.H.J.M. Mertens-Steeghs.
Rechtbank Limburg
Verzoekster heeft een wrakingsverzoek ingediend tegen de meervoudige kamer van de rechtbank Limburg, bestaande uit mr. Gijselaers, mr. Gunsing en mr. Mertens-Steeghs. Zij stelde onder meer dat er bewust informatie buiten het dossier werd gehouden, wat zou duiden op partijdigheid, en wees op vermeende meineed, een bedreiging en contacten tussen een landelijk dagblad en de persrechter.
De rechters gaven aan dat zij nog geen inhoudelijke beslissing hadden genomen in het dossier, waardoor het verzoek prematuur was. De wrakingskamer toetste of er feiten of omstandigheden waren die de onpartijdigheid van de rechters konden schaden. Hierbij geldt de presumption van onpartijdigheid tenzij uitzonderlijke omstandigheden dit tegenspreken.
De wrakingskamer concludeerde dat de aangevoerde gronden niet te herleiden waren tot handelingen of gedragingen van de rechters die het wrakingsverzoek konden rechtvaardigen. Ook werd het standpunt van de rechters dat zij nog geen inhoudelijke bemoeienis hadden met het dossier niet weersproken. Daarom werd het verzoek kennelijk niet-ontvankelijk verklaard en afgewezen.
De beslissing werd genomen door de wrakingskamer bestaande uit voorzitter Kleijkers en leden Rijksen en Schelfhout, en is onherroepelijk.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de rechters van de rechtbank Limburg is afgewezen wegens kennelijke niet-ontvankelijkheid.