Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.Verloop van de procedure
2.De motivering
ofmiddels verlening van de termijn als bedoeld in art. 4:218 lid 1 BW Pro een verzoek tot opheffing van de vereffening in te kunnen dienen is weliswaar begrijpelijk doch niet op de wet gebaseerd. Dat de activa in deze nalatenschap nagenoeg nihil zijn maakt dat niet anders. Vrijstelling van neerlegging van de uitdelingslijst kan overigens evenmin op de gronden als bepaald in art. 4:221 lid 2 BW Pro.