Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.De beoordeling van het bewijs
- hij voorafgaand aan de overval samen met medeverdachte [medeverdachte 1] in de gehuurde auto wordt aangetroffen;
- hij door de officier van justitie wordt herkend op de ter terechtzitting getoonde beelden van de aankoop van de bij de overval gebruikte voorhamer bij de [naam 1] in Venray;
- hij wordt herkend aan zijn schoenen met witte zool bij [naam coffeeshop] in Roermond;
- hij wordt herkend op camerabeelden van [naam 2] als degene met vermoedelijk de voorhamer in zijn hand, lopend richting de scooter;
- hij wordt herkend aan zijn schoenen met witte zool en embleem op het lage rugpand van de jas als zijnde de overvaller met de voorhamer;
- hij wordt gezien in het [naam hotel] hotel in Duisburg waar de auto in één rechte lijn naartoe is gereden meteen na de overval;
- hij degene is die in Antwerpen als eerste met medeverdachte [medeverdachte 1] een winkel binnen loopt en daarna 2500 euro op zak blijkt te hebben, waarbij zijn verklaring omtrent de herkomst van het geld aantoonbaar gelogen is.
- 10.12 uur: de scooter steekt vanuit de Sint Urbanusweg met hoge snelheid de Maaskade over en rijdt richting de Maasboulevard. Vervolgens slaat hij linksaf de Peperstraat in richting de Markt;
- 10.13 uur: de scooter rijdt vanuit de Markt richting juwelier [naam juwelier] . Aan de achterzijde van het stadhuis verdwijnt de scooter uit het zicht onder de parasols. Kort daarop komen de twee personen van de scooter vanonder de parasols vandaan en lopen richting juwelier [naam juwelier] . De laatste tien meter voor de ingang beginnen ze te rennen. De achterste persoon draagt een sporttas en haalt daar een lang smal voorwerp uit. Vervolgens lopen beiden de juwelierszaak binnen;
- 10.15 uur: beide personen komen weer uit de juwelierszaak naar buiten en rennen richting de achterzijde van het stadhuis. Zij verdwijnen weer onder de parasols en even later rijden zij met hoge snelheid over de Peperstraat weg richting de Maaskade. Zij vervolgen hun route over de Puteanusstraat richting de Maaskade/Sint Urbanusweg. De bestuurder van de scooter draagt zwarte schoenen met witte zolen. De bijrijder heeft een baseballpetje met een grote witte opdruk.
- op 8 januari 2018 bij de [naam 1] in Venray als hij de breekhamer koopt;
- op 9 januari 2018 als hij links achter in de Ford Focus stapt bij coffeeshop [naam coffeeshop] in Roermond;
- op 10 januari 2018 als hij naar de Ford Focus loopt en met de bestuurder gaat praten;
- op 10 januari 2018 als hij met medeverdachte [medeverdachte 2] met een hamer naar de scooter loopt;
- op 10 januari 2018 als bestuurder van de rode scooter die naar juwelierszaak [naam juwelier] rijdt;
- op 10 januari 2018 als de dader met de breekhamer in zijn handen in juwelierszaak [naam juwelier] ;
- op 10 oktober 2018 bij binnenkomst in het [naam hotel] hotel te Duisburg;
- op 11 januari 2018 in Antwerpen.
4.De strafbaarheid
5.De straf en/of de maatregel
- de documentatie van verdachte;
- de overval heeft plaatsgebonden op klaarlichte dag, waardoor er veel personen getuige van zijn geweest;
- de overval is goed voorbereid;
- er is sprake van medeplegen;
- de verdachte is speciaal naar Limburg gekomen voor deze activiteiten, hopende voordeel te hebben van de grensstreek.
- de overval is in georganiseerd verband op professionele wijze uitgevoerd. Niet alleen is er sprake geweest van de grondige voorverkenning van de vluchtroute in Venlo en naar Duitsland, maar ook is men van te voren een kijkje gaan nemen of om contacten te leggen in het Diamantkwartier in Antwerpen. Voorts is er kennelijk voor gekozen om de overval te plegen ver buiten de woonplaats van de verdachten om mogelijke herkenning te voorkomen;
- bij de uitvoering van de overval is gebruikt gemaakt van een vuurwapen of een voorwerp dat sprekend op een vuurwapen lijkt;
- bij de overval zijn sieraden (onder meer exclusieve horloges) weggenomen met een waarde van 121.500 euro en onbekend is waar deze sieraden nu zijn;
- verdachte is blijkens zijn strafblad eerder veroordeeld voor soortgelijke feiten en hij liep nog in de proeftijd van een voorwaardelijk opgelegde straf. Verdachte heeft in het verleden meerdere kansen gehad in de vorm van toezicht en begeleiding, maar hij blijft telkens in de fout gaan;
6.De benadeelde partijen en de schadevergoedingsmaatregelen
- reis- en parkeerkosten ad 69,88 euro;
- videodeurbel ad 325,00 euro.
- huishoudelijke hulp ad 1.438,50 euro;
- eigen bijdrage kosten rechtsbijstand ad 250,00 euro.
- medische kosten ad 6,67 euro;
- reis- en parkeerkosten ad 309,57 euro;
- huishoudelijke hulp ad 1.552,60;
- eigen bijdrage kosten rechtsbijstand ad 250,00 euro.
- medische kosten;
- reis- en parkeerkosten
- [slachtoffer 1] voor een totaalbedrag van 69,88 euro;
- [slachtoffer 2] voor een totaalbedrag van 250,00 euro;
- [slachtoffer 3] voor een totaalbedrag van 572,91 euro.
- [slachtoffer 1] : 5.069,88 euro;
- [slachtoffer 2] : 5.250 euro;
- [slachtoffer 3] : 5.572,91. euro,
7.De wettelijke voorschriften
8.De beslissing
- verklaart het tenlastegelegde bewezen zoals hierboven onder 3.4 is omschreven;
- spreekt de verdachte vrij van wat meer of anders is ten laste gelegd;
- verklaart dat het bewezenverklaarde het strafbare feit oplevert zoals hierboven onder 4 is omschreven;
- verklaart de verdachte strafbaar;
- veroordeelt de verdachte tot een
- beveelt dat de tijd die door de veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in voorarrest is doorgebracht, bij de uitvoering van deze gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht;
- VOF [naam juwelier] € 3.750,- 10 januari 2018
- [slachtoffer 1] € 5.069,88 10 januari 2018
- [slachtoffer 2] € 5.250,- 10 januari 2018
- [slachtoffer 3] € 5.572,91 10 januari 2018
- veroordeelt de verdachte in de kosten door de benadeelde partijen in het kader van deze procedure gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken, begroot tot heden op nihil;
- bepaalt dat de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer 1] ten aanzien van de post ‘video-deurbel’ en de overige immateriële schade niet-ontvankelijk is;
- bepaalt dat de vorderingen van de benadeelde partijen [slachtoffer 2] en [slachtoffer 3] ten aanzien van de post ‘huishoudelijke hulp’ en de overige immateriële schade niet-ontvankelijk zijn;
- legt aan de verdachte de verplichting op tot betaling aan de staat ten behoeve van de hierna te noemen slachtoffers de daarbij vermelde bedragen, bij niet betaling en verhaal te vervangen door het daarbij vermelde aantal dagen hechtenis:
- VOF [naam juwelier] € 3.750,- 47 dagen hechtenis 10 januari 2018
- [slachtoffer 1] € 5.069,88 60 dagen hechtenis 10 januari 2018
- [slachtoffer 2] € 5.250,- 61 dagen hechtenis 10 januari 2018
- [slachtoffer 3] € 5.572,91 62 dagen hechtenis 10 januari 2018
- bepaalt dat, indien de verdachte heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de staat daarmee de verplichting tot betaling aan de benadeelde partijen in zoverre komt te vervallen en andersom dat, indien de verdachte heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de benadeelde partij daarmee de verplichting tot betaling aan de staat in zoverre komt te vervallen;
- bepaalt dat voor zover deze bedragen door een of meer mededaders zijn betaald, de verdachte niet gehouden is dit bedrag aan de staat te betalen.