Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.Verloop van de procedure
- het verweerschrift met bijlagen van [verweerster] , ter griffie van deze rechtbank ontvangen op 12 januari 2017
Rechtbank Limburg
In deze civiele procedure verzoekt verzoeker de beslagvrije voet vast te stellen op €1.375,00 per maand vanwege beslag op zijn pensioenuitkering. Verweerster betwist dat verzoeker hierdoor in financiële problemen komt en wijst op een betalingsachterstand.
De kantonrechter beoordeelt de inkomens- en uitgavenpositie van verzoeker en diens partner, waarbij rekening wordt gehouden met het inkomen, woonlasten en wettelijke correctieposten. Diverse door verzoeker voorgestelde correcties op woon- en reiskosten worden niet gehonoreerd wegens onvoldoende onderbouwing.
Uiteindelijk wordt de beslagvrije voet vastgesteld op €1.967,36 per maand. Verweerster wordt veroordeeld tot betaling van de proceskosten van verzoeker. Het verzoek tot meer of anders wordt afgewezen.
Uitkomst: De beslagvrije voet van verzoeker wordt vastgesteld op €1.967,36 per maand en verweerster wordt veroordeeld in de proceskosten.