ECLI:NL:RBLIM:2017:717

Rechtbank Limburg

Datum uitspraak
25 januari 2017
Publicatiedatum
26 januari 2017
Zaaknummer
C/03/230878 ha rk 17/14
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Wraking
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 39 lid 4 Rv
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing wrakingsverzoek wegens gebrek aan gronden en toepassing misbruikbepaling

Verzoeker heeft op 19 januari 2017 een wrakingsverzoek ingediend tegen mr. J.N.F. Sleddens, rechter in de rechtbank Limburg, wegens vermeende vooringenomenheid. De rechter heeft schriftelijk verklaard niet vooringenomen te zijn. Tijdens de behandeling van het verzoek op 24 januari 2017 was verzoeker niet aanwezig, noch de gewraakte rechter.

De wrakingskamer heeft vastgesteld dat verzoeker geen concrete feiten of omstandigheden heeft aangevoerd die het wrakingsverzoek ondersteunen. Daarom is het verzoek ongegrond verklaard en afgewezen. Tevens is opgemerkt dat verzoeker binnen korte tijd drie ongegronde wrakingsverzoeken tegen verschillende rechters heeft ingediend.

Op grond daarvan is de misbruikbepaling van artikel 39, vierde lid, van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering toegepast. Dit houdt in dat toekomstige wrakingsverzoeken tegen de genoemde rechters of opvolgende rechters in dezelfde zaken niet in behandeling worden genomen. De beschikking is op 25 januari 2017 in het openbaar uitgesproken door de wrakingskamer.

Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen rechter Sleddens wordt afgewezen en toekomstige gelijksoortige verzoeken worden niet in behandeling genomen.

Uitspraak

beslissing

RECHTBANK LIMBURG

Zittingsplaats Maastricht
Zaaknummer: C/03/230878 / HA RK 17/14
Datum uitspraak: 25 januari 2017
Beslissing van de meervoudige kamer belast met de behandeling van wrakingszaken
op het verzoek van
[verzoeker] ,
thans verblijvende in de Mondriaan, locatie Vijverdalseweg 1 te Maastricht,
dat strekt tot wraking van mr. J.N.F. Sleddens, rechter in deze rechtbank (hierna: de rechter).

1.De procedure

Tijdens de zitting van de enkelvoudige kamer voor burgerlijke zaken van deze rechtbank op 19 januari 2017 heeft verzoeker de wraking verzocht van de rechter.
De rechter heeft op 19 januari 2017, in een schriftelijke reactie op het wrakingsverzoek, de wrakingskamer bericht niet te berusten.
De behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden op 24 januari 2017. Ter zitting is de verzoeker niet verschenen. De rechter is evenmin verschenen.
De wrakingskamer heeft op 25 januari 2017 uitspraak gedaan.

2.Het standpunt van verzoeker

Verzoeker heeft de rechter gewraakt, omdat hij van mening is dat de rechter vooringenomen is.

3.Het standpunt van de rechter

De rechter heeft in een schriftelijke reactie - kort gezegd - gesteld dat hij niet vooringenomen was.

4.De beoordeling

4.1
De wrakingskamer stelt vast, en is daarmee van oordeel, dat verzoeker geen gronden heeft aangevoerd voor zijn wrakingsverzoek. Het verzoek is dan ook ongegrond en zal worden afgewezen.
4.2
In het feit dat verzoeker in een zeer korte tijdsspanne in totaal drie ongegronde wrakingsverzoeken heeft ingediend, tegen drie verschillende rechters, ziet de wrakingskamer aanleiding de misbruikbepaling van artikel 39, vierde lid, Rv van toepassing te verklaren. Dit betekent dat een volgend verzoek tot wraking van mrs. Bax, Sleddens of Van Uum in de thans door hen behandelde zaken, dan wel een gelijk gemotiveerd verzoek tegen een opvolgend rechter in diezelfde zaken, niet in behandeling wordt genomen.

5.De beslissing

De wrakingskamer:
- wijst het verzoek tot wraking van mr. J.N.F. Sleddens af;
- bepaalt dat een volgend verzoek als bedoeld onder 4.2 niet in behandeling wordt genomen.
Deze beschikking is gegeven door mr. E.P. van Unen, voorzitter, mr. F.L.G. Geisel en
mr. J.J. Groen, leden, bijgestaan door mr. C.K. Spronk als griffier en is in het openbaar uitgesproken op 25 januari 2017.