ECLI:NL:RBLIM:2017:6007
Rechtbank Limburg
- Wraking
- G.P.C. Dijkshoorn-Sleebe
- M.J.H.A. Venner-Lijten
- E.P. van Unen
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek rechter in zaak verlenging machtiging uithuisplaatsing
In een procedure bij de Rechtbank Limburg, zittingsplaats Maastricht, heeft verzoeker wraking gevraagd van de rechter die betrokken was bij een zaak over verlenging van de machtiging tot uithuisplaatsing van zijn zoon. De wraking werd ingediend tijdens een zitting op 13 juni 2017. De rechter reageerde schriftelijk op het verzoek en gaf aan verhinderd te zijn voor de wrakingszitting.
De wrakingskamer behandelde het verzoek achter gesloten deuren op 22 juni 2017, waarbij verzoeker niet aanwezig was ondanks oproeping. De moeder van de minderjarige en de rechter waren eveneens afwezig, terwijl medewerkers van Bureau Jeugdzorg wel aanwezig waren.
Verzoeker stelde dat de rechter en de rechtbank partijdig waren omdat zij Bureau Jeugdzorg altijd gelijk geven. De rechter had echter tijdens de zitting mondeling beslist dat de oproeping aan verzoeker tijdig was verstuurd en dat de zaak niet aangehouden zou worden. Zij had ook de partner van de moeder uit de zaal verwijderd na bezwaar van verzoeker.
De wrakingskamer oordeelde dat verzoeker geen feiten of omstandigheden had aangevoerd die een schijn van vooringenomenheid konden rechtvaardigen. De vermeende partijdigheid was gebaseerd op een voorlopige overweging van de rechter om het verzoek tot verlenging toe te wijzen, wat niet als vooringenomenheid kan worden gezien. Het wrakingsverzoek werd daarom ongegrond verklaard en afgewezen. Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de rechter is afgewezen wegens ontbreken van gegronde aanwijzingen van vooringenomenheid.