Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.De procedure
- de dagvaarding
- de conclusie van antwoord
- de conclusie van repliek.
Rechtbank Limburg
Partijen sloten een fitnessabonnement voor de duur van een jaar waarbij gedaagde maandelijks €18,95 moest betalen. Gedaagde betaalde slechts één maand contributie, waarna eisende partij de toegang tot de sportfaciliteiten opschortte.
Eisende partij vorderde betaling van €251,66 vermeerderd met rente en kosten. Gedaagde voerde verweer, maar betaalde niet verder. De kantonrechter oordeelde dat opschorting van de toegang gerechtvaardigd was op grond van artikel 6:262 BW Pro, omdat gedaagde in gebreke was gebleven.
De kantonrechter wees de vordering tot betaling van de achterstallige contributie van €208,45 toe met rente vanaf 25 augustus 2017. De gevorderde incassokosten werden afgewezen vanwege onduidelijkheid over de hoogte en het ontbreken van een geldige rechtsgrond. Proceskosten werden gecompenseerd. Na betaling moet eisende partij de toegang tot de sportfaciliteiten weer verlenen.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van achterstallige contributie met rente, incassokosten worden afgewezen.