Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.De procedure
- de dagvaarding
- de conclusie van antwoord
- het proces-verbaal van comparitie van 21 november 2016.
Rechtbank Limburg
Eiseres vordert dat de rechtbank verklaart dat de gemeente onrechtmatig heeft gehandeld door onvoldoende actie te ondernemen na meldingen van een gaslucht, wat leidde tot een ontploffing in haar woonwagen. Zij eist volledige schadevergoeding voor de geleden schade.
De gemeente voert verweer dat de vordering verjaard is, omdat meer dan vijf jaren zijn verstreken sinds zij aansprakelijk werd gesteld. Eiseres betoogt dat het voorlopig getuigenverhoor de verjaring heeft gestuit en dat de verjaringstermijn pas na 20 jaren verloopt voor de verklaringen van recht.
De rechtbank oordeelt dat zelfs bij het meest gunstige scenario de vordering verjaard is, omdat de dagvaarding pas in 2016 is uitgebracht terwijl het voorlopig getuigenverhoor eind 2009 werd afgesloten. Eiseres heeft geen bewijs van stuitingsbrieven overgelegd. Daarom wijst de rechtbank de schadevergoedingsvordering en de verklaringen van recht af.
Eiseres wordt veroordeeld in de proceskosten en nakosten. Het vonnis is gewezen door mr. I.M. Etman en in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Schadevergoedingsvordering en verklaringen van recht worden afgewezen wegens verjaring; eiseres wordt veroordeeld in proceskosten.