Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
- in de zaak met parketnummer 03/116371-14 heeft gedreigd [A] , zijn vrouw en kinderen te vermoorden.
- in de zaak met parketnummer 03/116363-14 een laptop van Stichting Hang Out heeft vernield;
- in de zaak met parketnummer 03/120180-14 een personenauto, een autostoel en een autoradio van [B] heeft vernield;
- in de zaak met parketnummer 03/101062-15 feit 1 een koffiekan en een TV van Dichterbij en een bril van [C] heeft vernield;
- in de zaak met parketnummer 03/101062-15 feit 2 [C] in de rug heeft geduwd of getrapt toen zij op de grond lag;
- in de zaak met parketnummer 03/101052-15 feit 3 een aquarium, een waterkoker en een computermuis heeft vernield en
- in de zaak met parketnummer 03/246698-15 [D] heeft mishandeld door deze in een nekklem te pakken en te slaan.
3.De voorvragen
- is gebleken dat de dagvaarding aan alle wettelijke eisen voldoet en dus geldig is;
- is gebleken dat de rechtbank krachtens de wettelijke bepalingen bevoegd is van het ten laste gelegde kennis te nemen;
- zijn geen omstandigheden gebleken die aan de ontvankelijkheid van de officier van justitie in de weg staan. De officier van justitie kan dus in de vervolging worden ontvangen;
- zijn geen gronden voor schorsing der vervolging gebleken.
4.De beoordeling van het bewijs
5.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
6.De strafbaarheid van de verdachte
7.De straf en/of de maatregel
8.De benadeelde partij en de schadevergoedingsmaatregel
9.De wettelijke voorschriften
10.De beslissing
- verklaart het tenlastegelegde bewezen zoals hierboven onder 4.4 is omschreven;
- spreekt de verdachte vrij van wat meer of anders is ten laste gelegd;
- verklaart dat het bewezenverklaarde de strafbare feiten oplevert zoals hierboven onder 5.2 is omschreven;
- verklaart de verdachte strafbaar;
- veroordeelt de verdachte tot een taakstraf in de vorm van een werkstraf voor de duur van 40 uren, met een proeftijd van 2 jaren;
- beveelt dat indien de veroordeelde de taakstraf niet naar behoren verricht, vervangende jeugddetentie zal worden toegepast van 20 dagen;
- bepaalt dat de straf niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten, omdat de veroordeelde voor het einde van de proeftijd:
- wijst de vordering van de benadeelde partij [B] , wonende te [woonplaats B] , in de zaak met parketnummer 03/120180-14, toe;
- veroordeelt de verdachte om tegen behoorlijk bewijs van kwijting aan de benadeelde partij, [B] , wonende te [woonplaats B] , te betalen € 1.903,14, te vermeerderen met de wettelijke rente te berekenen over de periode van 30 mei 2014 tot aan de dag van de volledige voldoening;
- veroordeelt de verdachte in de kosten door de benadeelde partij in het kader van deze procedure gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken, begroot tot heden op nihil;
- legt aan de verdachte de verplichting op tot betaling aan de staat ten behoeve van het slachtoffer, [B] , van € 1.903,14, bij niet betaling en verhaal te vervangen door 1 dag jeugddetentie, met dien verstande dat de vervangende jeugddetentie de betalingsverplichting niet opheft, te vermeerderen met de wettelijke rente te berekenen over de periode vanaf 30 mei 2014 tot aan de dag van de volledige voldoening;
- bepaalt dat, indien de verdachte heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de staat daarmee de verplichting tot betaling aan de benadeelde partij in zoverre komt te vervallen en andersom dat, indien de verdachte heeft voldaan aan de verplichting tot betaling aan de benadeelde partij daarmee de verplichting tot betaling aan de staat in zoverre komt te vervallen;