Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.De procedure
- het exploot van dagvaarding d.d. 8 februari 2016
- de van de zijde van [gedaagde] op 17 februari 2016 ontvangen producties
- de mondelinge behandeling ter zitting van 18 februari 2016.
Rechtbank Limburg
De zaak betreft een kort geding tussen woningstichting Servatius en huurder [gedaagde] over de ontruiming van een woning in Maastricht. De huurovereenkomst was eerder ontbonden en ontruiming was al aangezegd, maar na betaling van een huurachterstand werd ontruiming tijdelijk opgeschort. Vervolgens ontstonden opnieuw huurachterstanden.
Servatius vordert onmiddellijke ontruiming omdat [gedaagde] de huur heeft opgezegd per 31 januari 2016 en sindsdien zonder recht of titel in de woning verblijft. [gedaagde] voert aan dat het opzegformulier niet door hem maar door zijn vriendin is ondertekend, maar dit verweer wordt verworpen omdat de vriendin hem eerder rechtsgeldig vertegenwoordigde.
De rechtbank oordeelt dat de huurachterstanden en de opzegging voldoende grond vormen voor ontruiming. De gevorderde voorziening wordt toegewezen met een ontruimingstermijn van twee weken. [gedaagde] wordt veroordeeld tot betaling van de proceskosten.
Uitkomst: De huurder wordt veroordeeld tot ontruiming binnen twee weken en betaling van proceskosten.