Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.De beoordeling van het bewijs
kanzijn voor het aannemen van de vereiste “aanmerkelijke schuld” bij de verdachte maar dan moet het gaan om een fout die van een dusdanig kaliber is dat enkel hierdoor al van “aanmerkelijke schuld” sprake is.
4.De strafbaarheid
5.De strafoplegging
6.De benadeelde partij
7.De wettelijke voorschriften
8.De beslissing
- verklaart het ten laste gelegde bewezen, zodanig als hierboven onder 3.4 is omschreven;
- spreekt verdachte vrij van wat meer of anders is ten laste gelegd;
- verklaart dat het bewezen verklaarde het strafbare feit oplevert zoals hierboven onder 4 is omschreven;
- verklaart verdachte strafbaar;
tot een geldboete van € 500,-bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door hechtenis voor de duur van 10 dagen;
ontzegging van de bevoegdheid om motorrijtuigen te besturenvan
twee maanden voorwaardelijkmet een
proeftijd van één jaar;
- bepaalt dat de vordering van de benadeelde partij [Slachtoffer], [Adesgegevens slachtoffer], niet ontvankelijk is en dat zij haar vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen;
- veroordeelt de benadeelde partij in de kosten, door de verdachte ter verdediging tegen de vordering gemaakt, tot op heden begroot op nihil.