Uitspraak
9.Artikel 99 van Pro de Wet WIA luidt als volgt:
17.Het beroep is ongegrond.
18.Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
.De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 25 maart 2015.
Rechtbank Limburg
Eiseres, een eigenrisicodrager sinds 1 juli 2010, betwistte de met terugwerkende kracht vanaf 1 januari 2013 toegepaste toerekening van WGA-uitkeringen door verweerder. Zij stelde dat deze toerekening in strijd was met het rechtszekerheids- en vertrouwensbeginsel, mede omdat verweerder eerder regres had toegepast jegens de schadeverzekeraar terwijl eiseres al eigenrisicodrager was.
De rechtbank overwoog dat de toerekening een beperkte toetsing kent, gericht op de wettelijke voorwaarden uit de Wet WIA. De rechtbank verwierp het beroep op het vertrouwensbeginsel, omdat eiseres op de hoogte had kunnen zijn van de uitkering en geen specifiek navraag had gedaan. Het terugwerkende verhaal vanaf 1 januari 2013 werd niet als willekeurig of onrechtmatig beoordeeld.
Ten aanzien van het regres en de vermeende schade door het sluiten van een overeenkomst met de verzekeraar, oordeelde de rechtbank dat dit geen reden was om geheel of verder van verhaal af te zien. Verweerder had een tegemoetkoming gedaan door een deel van de lumpsum uit te betalen, wat een civielrechtelijke kwestie betreft. De rechtbank zag geen aanleiding om het verhaal verder te beperken en verwees eiseres voor verdere schadevordering naar de civiele rechter.
Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep van eiseres ongegrond en bevestigt de rechtmatigheid van de toerekening en verhaalsbesluiten van verweerder.