Uitspraak
Verdere beoordeling
Beslissing
5 augustus 2014, in tegenwoordigheid van de griffier.
Rechtbank Limburg
In deze zaak betreffende voorlopige voorzieningen in een echtscheidingsprocedure heeft de rechtbank Limburg op 5 augustus 2014 een beschikking gegeven over de omgang en zorgverdeling van twee minderjarige kinderen. De Raad voor de Kinderbescherming bracht op 21 juli 2014 een rapport uit met adviezen over de omgang en zorgverdeling.
De Raad adviseerde dat de contacten tussen de man en de minderjarige [minderjarige A] voorlopig via een begeleide omgangsregeling (BOR) onder professionele begeleiding van Xonar of Axnaga dienen plaats te vinden, waarbij de professional de regie heeft. Voor [minderjarige B] werd geadviseerd de beslissing aan te houden zodat de hulpverlening kan worden voortgezet en opgestart.
De rechtbank overwoog dat een aanhouding van de voorlopige voorzieningen voor acht maanden niet passend is, omdat deze procedure bedoeld is voor snelle oplossingen. Daarom werd het advies voor aanhouding niet gevolgd. De rechtbank stelde de begeleide omgangsregeling voor [minderjarige A] vast en wees het verzoek tot voorlopige zorgverdeling voor [minderjarige B] af, omdat dit niet in het belang van het kind werd geacht.
De rapportage over de voortgang van de omgangsregeling zal in de lopende echtscheidingsprocedure worden ingebracht voor verdere beoordeling. Tegen deze beschikking is geen hoger beroep mogelijk.
Uitkomst: De rechtbank stelt een begeleide omgangsregeling vast voor [minderjarige A] en wijst het verzoek tot voorlopige zorgverdeling voor [minderjarige B] af.