Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
eiser,
advocaat mr. L.L.A. Cox;
gedaagde,
advocaat mr. M.H.W. Clijsen.
1.Het verloop van de procedure
2.Het geschil
3.De beoordeling
“Nu de vader zijn standpunt dat de moeder dient terug te verhuizen niet heeft vertaald in een in het petitum opgenomen verzoek en zowel de moeder als de rechtbank, gezien de inhoud van de processtukken van de moeder en de bestreden beschikking, zijn stelling terzake ook niet hebben begrepen als een verzoek waarop beslist dient te worden, komt het hof aan verdere bespreking van dit standpunt niet toe.”
Kortom, de moeder wordt in staat geacht om binnen 6 weken zowel woonruimte te vinden als te verhuizen èn de kinderen op een nieuwe school in te schrijven.