Uitspraak
RECHTBANK Limburg
1.Het onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
- geld van klanten heeft verduisterd;
- geprobeerd heeft een klant op te lichten;
- valsheid in geschrift heeft gepleegd en gebruik heeft gemaakt van een vals geschrift.
3.De voorvragen
- de polissen van verzekeringsmaatschappijen overgevoerd werden naar volmachtbedrijf [bedrijf 2] en dat daarbij zaken misliepen, die voor haar moeilijk te controleren waren;
- zij met verzekeringsmaatschappijen en met [bedrijf 1]/[bedrijf 2] een rekening-courant verhouding had, waarin zij werd belast voor de premies die verschuldigd waren;
- zij rekeningafschriften ontving van verzekeringsmaatschappijen van provisies, waarop premies, belasting en kosten in mindering werden gebracht en dat deze rekening-courant overzichten zich in haar administratie bevonden en opvraagbaar waren bij verzekeringsmaatschappijen;
- aangevers, in weerwil van wat zij zelf dachten, wel degelijk verzekerd waren;
- als er zaken misliepen, correcties plaats hadden gevonden en/of polissen met terugwerkende kracht hersteld waren;
- zij premies voor de verzekeringen van de desbetreffende aangevers had voldaan en dat dat uit haar administratie bleek.
aanverdachte door klanten en van betalingen
doorverdachte ten behoeve van de klanten.
doelbewustin het nadeel van verdachte heeft geopereerd. Zij heeft immers ook ontlastend bewijs aangeleverd aan de hand waarvan bepaalde verwijten aan het adres van verdachte eenvoudig te pareren vallen. Wel was het aangeleverde dossier vergaand incompleet en het onderzoek onvolledig.