Uitspraak
RECHTBANK limburg
uitspraak van de meervoudige kamer van 22 december 2014 in de zaken tussen
het college van Gedeputeerde Staten van Limburg, verweerder,
Procesverloop
Beslissing
- verklaart de beroepen tegen de bestreden besluiten van 5 maart 2013 gegrond en vernietigt die besluiten voor zover daarbij de bezwaren tegen het onderdeel van last 3 van het primaire besluit, inhoudende de mededeling van de verplichting het (ondergronds) leidingwerk in relatie tot de waterhuishouding op het gehele terrein in kaart te brengen ongegrond zijn verklaard;
- verklaart de bezwaren voor zover gericht tegen voornoemde mededeling niet-ontvankelijk en bepaalt dat deze uitspraak in zoverre in de plaats treedt van het vernietigde deel van de bestreden besluiten;
- draagt verweerder op het betaalde griffierecht ad € 636,00 aan eisers te vergoeden;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten tot een bedrag van € 487,00 te vergoeden;
- verklaart de beroepen tegen de bestreden besluiten van 5 maart 2013 voor het overige ongegrond.
.De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 22 december 2014.