ECLI:NL:RBLIM:2013:BZ3218
Rechtbank Limburg
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verzoek tot gegrondverklaring ontkenning vaderschap wegens strijd met openbare orde en lex fori
De rechtbank Limburg behandelde een verzoek tot gegrondverklaring van de ontkenning van het vaderschap van een man die juridisch vader was van een minderjarige, geboren tijdens het huwelijk van de moeder en de man. De moeder en de man waren gehuwd in Marokko en hadden de Marokkaanse nationaliteit. De biologische vader was een ander, die de geboorte had aangegeven en het kind erkend, maar die erkenning was nietig vanwege het huwelijk van de moeder met de man.
Volgens het Nederlandse internationaal privaatrecht was het Marokkaanse recht van toepassing op de familierechtelijke betrekkingen. Dit recht kent echter geen mogelijkheid voor het kind of de moeder om het vaderschap van de man te ontkennen. De rechtbank oordeelde dat deze toepassing in strijd was met de Nederlandse openbare orde, omdat het kind zonder medewerking van de man de biologische werkelijkheid niet juridisch kan laten erkennen.
De rechtbank besloot daarom de lacune op te vullen door het Nederlandse recht als lex fori toe te passen en gelastte een deskundigenonderzoek naar DNA om vast te stellen of de biologische vader de erkenner was. De moeder en de bijzondere curator werden in de gelegenheid gesteld om zich schriftelijk over het deskundigenbericht uit te laten, waarna de rechtbank zonder nadere mondelinge behandeling uitspraak zal doen.
Uitkomst: Verzoek tot ontkenning van het vaderschap van de man is gegrond verklaard onder voorbehoud van DNA-onderzoek.