ECLI:NL:RBLIM:2013:BZ2015
Rechtbank Limburg
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Betaling restantsom aanneming werk na oplevering tuin en waterschade
De zaak betreft een geschil over betaling en gebreken bij de aanneming van tuinwerkzaamheden. De opdrachtgever had betaling van een deel van de aanneemsom opgeschort wegens vermeende ondeugdelijke prestatie, terwijl de aannemer stelde dat de werkzaamheden correct waren opgeleverd.
De rechtbank stelde vast dat de oplevering op 17 oktober 2009 had plaatsgevonden en dat de opdrachtgever geen gebreken had gemeld bij de aannemer. De opdrachtgever had ook geen voldoende onderbouwing gegeven voor haar opschortingsrecht en kon geen beroep doen op art. 7:759 BW Pro over verborgen gebreken.
Daarnaast was er sprake van waterschade aan de linoleumvloer, vastgesteld door een deskundige en vergoed door de verzekering van de aannemer. De aannemer erkende dat dit bedrag aan de opdrachtgever toekwam. Na verrekening van de vorderingen werd de opdrachtgever veroordeeld tot betaling van een bedrag van € 985,60 met wettelijke rente. De proceskosten werden gecompenseerd.
Uitkomst: Opdrachtgever is veroordeeld tot betaling van € 985,60 met wettelijke rente na verrekening van vorderingen.