ECLI:NL:RBLIM:2013:9331
Rechtbank Limburg
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.J.A.G. van Baal
- M.B.T.G. Steeghs
- J. Iding
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens ontbreken schuld bij dodelijk verkeersongeval door door-oranje-rijden
Op 17 december 2012 vond in Venlo een dodelijk verkeersongeval plaats waarbij een voetganger werd aangereden bij een voetgangersoversteekplaats nabij een kruispunt met verkeerslichten. Verdachte werd beschuldigd van het negeren van een rood verkeerslicht en het veroorzaken van het ongeval door zeer onvoorzichtig en onoplettend gedrag.
Tijdens de terechtzitting op 15 november 2013 stelde de officier van justitie dat verdachte door rood licht was gereden en daarmee schuld had aan het ongeval. Verdachte verklaarde echter dat zij door oranje licht reed en niet tijdig kon stoppen. Getuigenverklaringen waren tegenstrijdig, waarbij één getuige stelde dat verdachte door rood reed, maar de rechtbank oordeelde dat deze verklaring onvoldoende betrouwbaar was vanwege onduidelijkheden over afstand en waarnemingspositie.
De rechtbank concludeerde dat niet wettig en overtuigend bewezen kon worden dat verdachte door rood licht reed. Bovendien werd vastgesteld dat het slachtoffer door rood licht liep. Het door-oranje-rijden van verdachte werd niet als verkeersfout aangemerkt gezien de omstandigheden. Daarom werd verdachte vrijgesproken van zowel de primaire als subsidiaire tenlasteleggingen.
De uitspraak benadrukt dat schuld in de zin van artikel 6 WVW Pro 1994 pas kan worden aangenomen bij een aanmerkelijke mate van verwijtbare onvoorzichtigheid, hetgeen hier ontbrak. De rechtbank hechtte aan de betrouwbaarheid van verklaringen en technische analyse van de verkeersregelinstallatie en verwierp de stelling van de officier van justitie.
De uitspraak werd gewezen door de meervoudige kamer van de rechtbank Limburg te Roermond op 29 november 2013.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken omdat niet bewezen is dat zij door rood licht reed en door oranje rijden geen verkeersfout oplevert.