Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
- overschrijding van de redelijke termijn;
- onrechtmatigheden tijdens de start van het onderzoek, te weten het verrichten van grootschalig c.q. diepgaand persoonsgericht onderzoek zonder dat op dat moment sprake was van een redelijk vermoeden van schuld in de zin van artikel 27 van Pro het Wetboek van Strafvordering (hierna Sv), het onterecht gebruik maken van controlebevoegdheden in het kader van het bestuursrecht teneinde strafbare feiten op te sporen (détournement de pouvoir) en het verrichten van een persoonsgericht onderzoek zonder wettelijke grondslag (artikel 2 Politiewet Pro is niet toereikend);
- het zonder rechtmatige grond verstrekken van vertrouwelijke gegevens uit het strafdossier aan derden;
- het informeren van de media door het openbaar ministerie.
4.De beoordeling van het bewijs
1.
in het tijdvak van 27 juli 2009 tot en met 30 september 2009 in de gemeente Sittard-Geleen, meermalen, tezamen en in vereniging met [medeverdachte 1], in strijd met een hem, verdachte en [medeverdachte 1] bij of krachtens wettelijk voorschrift opgelegde verplichting, te weten de Wet werk en bijstand (Wwb), telkens opzettelijk heeft nagelaten tijdig de benodigde gegevens te verstrekken, zulks terwijl dit feit kon strekken tot bevoordeling van zichzelf of een ander, terwijl hij, verdachte en [medeverdachte 1] wisten dat die gegevens van belang waren voor de vaststelling van verdachtes recht op een verstrekking, te weten een Wwb-uitkering, dan wel voor de hoogte of de duur van die verstrekking, immers hebben hij, verdachte, en [medeverdachte 1] aan de gemeente Sittard-Geleen telkens opzettelijk geen mededeling gedaan van (alle), zakelijk weergegeven, door hem, verdachte en/of [medeverdachte 1] genoten inkomsten;
2.
in het tijdvak van 1 september 2003 tot en met 14 maart 2004 en in het tijdvak van 2 april 2004 tot en met 22 mei 2008 in de gemeente Sittard-Geleen, meermalen, telkens een hem, verdachte ter uitvoering van de bij of krachtens de Algemene Bijstandswet (Abw) en de Wet werk en bijstand (Wwb) gegeven voorschriften toegezonden of uitgereikt formulier met het opschrift "Rechtmatigheidsonderzoek", zijnde een geschrift dat bestemd was om tot bewijs van enig feit te dienen, valselijk heeft opgemaakt, hierin bestaande dat hij, verdachte, valselijk telkens niet op dat formulier heeft opgegeven dat hij, verdachte, in de periode waarop dat formulier betrekking had, zakelijk weergegeven, inkomsten heeft genoten of hierin bestaande dat hij, verdachte, valselijk telkens op dat formulier heeft opgegeven dat hij, verdachte, in de periode waarop dat formulier betrekking had, zakelijk weergegeven, geen inkomsten heeft genoten, en dat formulier telkens voor waar heeft ondertekend, een en ander telkens met het oogmerk om dat geschrift als echt en onvervalst te gebruiken of door anderen te doen gebruiken;
3.
in het tijdvak van 1 januari 2002 tot en met 26 januari 2010, in de gemeente Sittard-Geleen, hoeveelheden geld en goederen heeft verworven, voorhanden heeft gehad, heeft overgedragen en/of omgezet, terwijl hij wist dat bovenomschreven hoeveelheden geld en goederen - onmiddellijk of middellijk - afkomstig waren uit enig misdrijf;
4.
op 26 januari 2010 in de gemeente Sittard-Geleen, tezamen en in vereniging met een ander, opzettelijk aanwezig heeft gehad 4 tabletten van een materiaal bevattende MDMA, zijnde MDMA een middel vermeld op de bij de Opiumwet behorende lijst I;
5.
op 5 november 2009 in de gemeente Sittard-Geleen, een invalidenparkeerkaart, op naam gesteld van [naam 3], en een toegangspas voor de binnenstad Sittard, voorhanden heeft gehad, terwijl hij ten tijde van het voorhanden krijgen van die invalidenparkeerkaart en die toegangspas wist dat het door misdrijf verkregen goederen betrof;
6.
in de periode van 9 november 2006 tot en met 26 januari 2010 in de gemeente Sittard-Geleen, tezamen en in vereniging met een ander, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen elektriciteit en gas, toebehorende aan Enexis B.V., waarbij verdachte en zijn mededader de weg te nemen goederen onder hun bereik hebben gebracht door middel van verbreking.
5.De strafbaarheid
6.De strafoplegging
7.De benadeelde partijen
8.Het beslag
9.De wettelijke voorschriften
10.De beslissing
- verklaart het tenlastegelegde bewezen, zoals hierboven onder 4.4 is omschreven;
- spreekt verdachte vrij van wat meer of anders is ten laste gelegd;
- verklaart dat het bewezenverklaarde de strafbare feiten oplevert zoals hierboven onder 5 is omschreven;
- verklaart verdachte strafbaar;
- veroordeelt verdachte tot
- bepaalt dat het voorwaardelijke deel van de straf niet ten uitvoer wordt gelegd, tenzij de rechter tenuitvoerlegging gelast omdat verdachte voor het einde van
- stelt als algemene voorwaarde dat de verdachtezich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;
- verklaart de benadeelde partij
- veroordeelt de benadeelde partij, de Gemeente Sittard-Geleen, afdeling Werk en Inkomen, in de kosten, door verdachte ter verdediging tegen de vordering gemaakt, begroot op nihil.