Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.Het verloop van de procedure
2.De feiten.
3.Het verzoek en het verweer
4.Verklaringen ter zitting
5.Beoordeling
Beslissing
Rechtbank Limburg
De vader verzoekt de rechtbank om gezamenlijk gezag over zijn minderjarige kind toe te wijzen, omdat de moeder met het kind naar het buitenland is verhuisd zonder zijn instemming. De vader erkent het kind en had regelmatig omgang, maar had zich niet gerealiseerd dat hij geen gezag had. De moeder is inmiddels getrouwd en woont sinds mei 2013 in het buitenland met het kind.
De rechtbank weegt dat gezamenlijk gezag in het belang van het kind is en dat er onvoldoende bewijs is dat gezamenlijk gezag tot onaanvaardbare risico's voor het kind leidt. De moeder heeft onvoldoende onderbouwd dat het kind klem zou raken of dat gezamenlijk gezag tot verslechtering van de situatie leidt. De vader heeft toegezegd constructief samen te werken.
De rechtbank wijst het verzoek tot gezamenlijk gezag toe en stelt een omgangsregeling vast waarbij het kind drie weken in de zomervakantie bij de vader verblijft, afwisselend in Nederland en het buitenland. Daarnaast wordt een informatieregeling vastgesteld waarbij de moeder maandelijks per e-mail informeert over belangrijke zaken rondom het kind.
De rechtbank benadrukt het belang van goede communicatie tussen ouders ondanks de afstand en wijst het subsidiaire verzoek tot uitgekleed gezag af. De beslissing is in het belang van het kind en bevordert de betrokkenheid van beide ouders.
Uitkomst: De rechtbank wijst het verzoek tot gezamenlijk gezag toe en stelt een omgangs- en informatieregeling vast.