ECLI:NL:RBLIM:2013:4784
Rechtbank Limburg
- Kort geding
- E.P. van Unen
- Rechtspraak.nl
Afwijzing loonvordering en ontbindingsverzoek na ontslag op staande voet wegens verduistering
De werknemer vorderde betaling van loon en wedertewerkstelling na ontslag op staande voet, stellende dat een dringende reden ontbrak en het ontslag niet onverwijld was gegeven. De werkgever stelde dat de werknemer was ontslagen wegens verduistering, een dringende reden die onverwijld was meegedeeld.
De kantonrechter oordeelde dat de werkgever voldoende bewijs had geleverd voor de dringende reden. Getuigenverklaringen van de bestuurders en een klant ondersteunden het verhaal dat de werknemer € 100, ontvangen als betaling, niet in de kas had gestopt maar had verduisterd en dit had proberen te verdoezelen.
De gevolgen voor de werknemer waren ernstig, maar dit woog niet op tegen de ernst van de verduistering. Ook het enkele beraad van de werkgever na ontdekking deed niet af aan de onverwijlde mededeling. De loonvordering en het ontbindingsverzoek werden afgewezen en de werknemer werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De loonvordering en het ontbindingsverzoek worden afgewezen; het ontslag op staande voet wegens verduistering is rechtsgeldig.