ECLI:NL:RBLIM:2013:12769
Rechtbank Limburg
- Wraking
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek rechter-commissaris wegens vermeende partijdigheid
In deze zaak heeft de advocaat van de verzoeker een wrakingsverzoek ingediend tegen de rechter-commissaris die belast was met het verhoor van een getuige uit Letland. De advocaat stelde dat de rechter-commissaris zich niet goed van haar taak had gekweten door de verdediging niet tijdig te informeren over verhoren die voorafgaand aan het rechterlijk verhoor door de politie waren gehouden.
De rechter-commissaris weigerde zich te verschonen en legde haar taak neer in afwachting van het oordeel van de wrakingskamer. De wrakingskamer heeft het verzoek behandeld en beoordeeld aan de hand van het subjectieve en objectieve criterium voor rechterlijke onpartijdigheid. De kamer oordeelde dat het niet informeren van de raadsman geen belangen heeft geschaad omdat het recht op kritische ondervraging bij de rechter-commissaris intact bleef.
Daarnaast werd geoordeeld dat het handelen van de rechter-commissaris conform een eerdere beschikking was en dat de advocaat tijdig had kunnen wraken als hij dat nodig achtte. De wrakingskamer concludeerde dat er geen zwaarwegende aanwijzingen voor partijdigheid waren en wees het verzoek tot wraking af. Tegen deze beslissing is geen rechtsmiddel mogelijk.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de rechter-commissaris is ongegrond verklaard en afgewezen.