ECLI:NL:RBLEE:2011:BS1734
Rechtbank Leeuwarden
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek integrale proceskostenvergoeding na intrekking beroepen naheffingsaanslagen omzetbelasting
Verzoekster, een onderneming, kreeg twee naheffingsaanslagen omzetbelasting opgelegd door de Belastingdienst, inclusief boete en heffingsrente. Nadat zij bezwaar had gemaakt en beroep instelde, trok zij de beroepen in nadat de inspecteur de aanslagen ambtshalve tot nihil had verminderd. Verzoekster vorderde vervolgens integrale vergoeding van de proceskosten.
De rechtbank overwoog dat op grond van artikel 8:75a Awb een proceskostenvergoeding bij intrekking van het beroep in beginsel toekomt indien het bestuursorgaan aan de indiener tegemoet is gekomen, ook zonder onrechtmatig handelen. De rechtbank stelde vast dat de inspecteur de aanslagen uit coulance had verminderd, maar het inhoudelijke standpunt handhaafde.
De rechtbank oordeelde dat er geen sprake was van zodanig onzorgvuldig handelen dat een hogere proceskostenvergoeding dan de forfaitaire bedragen gerechtvaardigd was. De inspecteur had wel onzorgvuldig gehandeld door niet tijdig uitspraak op bezwaar te doen en door gebrekkige communicatie, maar dit was niet in vergaande mate. Daarom wees de rechtbank het verzoek om integrale kostenvergoeding af en veroordeelde de inspecteur tot vergoeding van de forfaitaire proceskosten van €874.
Partijen werd gewezen op de mogelijkheid tot hoger beroep bij het gerechtshof Leeuwarden binnen zes weken na uitspraak.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt de inspecteur tot betaling van een forfaitaire proceskostenvergoeding van €874 na intrekking van de beroepen.