ECLI:NL:RBLEE:2011:BR4256
Rechtbank Leeuwarden
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Arbitragebeding in aannemingsovereenkomst met consument onredelijk bezwarend en vernietigbaar
In deze civiele procedure vordert Keuning zich te ontheffen van een verstekvonnis en stelt dat de rechtbank onbevoegd is vanwege een arbitragebeding in de Algemene Voorwaarden Aanneming van Werk 1992 (AVA 1992). Keuning baseert zich op artikel 21 AVA Pro 1992, dat arbitrage voorschrijft voor geschillen.
[X] c.s. verzet zich hiertegen en stelt dat artikel 21 AVA Pro 1992 vernietigbaar is als oneerlijk beding in de zin van Richtlijn 93/13/EEG, omdat het de consument belemmert toegang te krijgen tot de overheidsrechter. De rechtbank toetst dit aan artikel 6:233 BW Pro en de Europese richtlijn en jurisprudentie van het Hof van Justitie.
De rechtbank oordeelt dat het arbitragebeding een aanzienlijke en ongerechtvaardigde verstoring van het evenwicht inhoudt, doordat het de consument uitsluit van toegang tot de overheidsrechter, wat strijdig is met het recht op toegang tot de rechter zoals neergelegd in de Grondwet en het Handvest van de grondrechten van de EU.
De nadelen van arbitrage voor de consument, zoals minder waarborgde onafhankelijkheid, hogere kosten en afstand tot de arbitrageplaats, wegen mee. Het beding is daarom onredelijk bezwarend en vernietigbaar. De rechtbank verklaart zich bevoegd en wijst de incidentele vordering van Keuning af, terwijl Keuning in de proceskosten wordt veroordeeld.
Uitkomst: De rechtbank verklaart zich bevoegd en vernietigt het arbitragebeding als onredelijk bezwarend, wijst de incidentele vordering van Keuning af en veroordeelt haar in de proceskosten.