ECLI:NL:RBLEE:2011:BR2499
Rechtbank Leeuwarden
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging naheffingsaanslag omzetbelasting wegens onjuiste tenaamstelling fiscale eenheid
Eiser, een ondernemer die zijn eenmanszaak per 13 januari 2005 heeft omgezet in een besloten vennootschap ([X] B.V.), kreeg een naheffingsaanslag omzetbelasting opgelegd door verweerder over het eerste kwartaal van 2005. Verweerder handhaafde ook een boete en heffingsrente. Eiser stelde dat de aanslag onterecht aan hem persoonlijk was opgelegd en niet aan de fiscale eenheid waarvan hij deel uitmaakte.
De rechtbank stelde vast dat vanaf 1 februari 2005 een fiscale eenheid bestond tussen eiser en [X] B.V., conform een beschikking van verweerder. De naheffingsaanslag had betrekking op maart 2005, dus binnen de periode van de fiscale eenheid. Op grond van jurisprudentie van de Hoge Raad dient een naheffingsaanslag in zo'n geval aan de fiscale eenheid te worden opgelegd.
Verweerder stelde dat de aanslag terecht aan eiser was opgelegd omdat de handel in bepaalde goederen niet door de fiscale eenheid zou zijn verricht, maar door eiser persoonlijk. De rechtbank volgde dit niet, gelet op de doelomschrijving van de B.V. en de feiten uit het boekenonderzoek.
De rechtbank oordeelde dat de naheffingsaanslag, boete en heffingsrente vernietigd moesten worden wegens onjuiste tenaamstelling. Daarnaast veroordeelde zij verweerder in de proceskosten en bepaalde dat verweerder het griffierecht aan eiser moest vergoeden.
Uitkomst: De naheffingsaanslag, boetebeschikking en heffingsrente worden vernietigd wegens onjuiste tenaamstelling en verweerder wordt veroordeeld in proceskosten en griffierecht.