ECLI:NL:RBLEE:2011:BP7213
Rechtbank Leeuwarden
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- C.H. de Groot
- J.R. Leegsma
- Rechtspraak.nl
Vernietiging schorsingsbesluit standplaatsvergunning wegens schending hoor en wederhoor en toekenning schadevergoeding
De rechtbank Leeuwarden heeft op 10 maart 2011 uitspraak gedaan in een bestuursrechtelijke zaak betreffende de schorsing van een standplaatsvergunning voor vier achtereenvolgende zaterdagen wegens wangedrag.
De vergunninghouder werd op 21 november 2009 beschuldigd van wangedrag, waarop het college van burgemeester en wethouders besloot tot onmiddellijke schorsing van de vergunning zonder voorafgaand hoor en wederhoor. De voorzieningenrechter had eerder geoordeeld dat het gedrag wangedrag was, maar de rechtbank stelt vast dat het college de procesrechtelijke waarborgen van artikel 6 EVRM Pro heeft geschonden door de vergunninghouder niet vooraf in de gelegenheid te stellen zich te verweren.
Verder oordeelt de rechtbank dat de opgelegde schorsing van vier zaterdagen onevenredig is gezien het feit dat de vergunninghouder slechts eenmaal eerder een waarschuwing ontving die niet op de verordening was gebaseerd. De rechtbank beperkt daarom de schorsing tot twee zaterdagen en kent een schadevergoeding toe van €750 wegens de onrechtmatige schorsing. Daarnaast worden proceskosten van €874 aan de vergunninghouder toegekend.
Het primaire besluit wordt herroepen en de uitspraak treedt in de plaats van het vernietigde besluit. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het besluit tot schorsing van de standplaatsvergunning wordt vernietigd, de schorsing beperkt tot twee zaterdagen en een schadevergoeding toegekend.