ECLI:NL:RBLEE:2010:BP0820
Rechtbank Leeuwarden
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Schorsing kapvergunning wegens strijdige standaardvoorwaarde met APV gemeente Heerenveen
Het college van burgemeester en wethouders van Heerenveen verleende op 9 september 2010 een kapvergunning aan een stichting voor het vellen van diverse bomen op een perceel. Verzoekers, bewoners uit de omgeving, maakten bezwaar tegen het besluit en vroegen om een voorlopige voorziening. De voorzieningenrechter oordeelde dat de standaardvoorwaarde uit de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) die de schorsende werking van bezwaar en beroep regelt, ten onrechte niet volledig aan de vergunning was verbonden.
De APV bepaalt dat een kapvergunning pas gebruikt mag worden nadat de bezwaar- en beroepstermijn is verstreken zonder bezwaar of beroep, of nadat op een verzoek om voorlopige voorziening is beslist. Het college had echter slechts een beperkte voorwaarde gesteld, waardoor bezwaar en beroep geen schorsende werking hadden. Dit is in strijd met de APV en het gemeentelijke kapvergunningenbeleid.
De voorzieningenrechter concludeerde dat de vergunning geschorst moet worden tot zes weken na de beslissing op bezwaar, met mogelijkheid tot verlenging bij nieuw verzoek om voorlopige voorziening. Tevens werd het college veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten. De uitspraak is definitief en niet vatbaar voor hoger beroep.
Uitkomst: De kapvergunning wordt geschorst vanwege strijdige voorwaarde met de APV, en het college wordt veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.