ECLI:NL:RBLEE:2010:BN1292
Rechtbank Leeuwarden
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling schenkingsrecht bij schenking onroerende zaak en toepassing verhoogde vrijstelling
Eiseres ontving in 2006 enkele percelen weiland als schenking van haar ouders met een waarde van € 89.651. Zij deed een beroep op de eenmalige verhoogde vrijstelling van € 21.700 voor schenkingsrecht. Verweerder legde een aanslag op waarbij over het vrijgestelde bedrag toch 6% schenkingsrecht werd geheven, gelijk aan de overdrachtsbelasting.
Eiseres betwistte deze heffing en stelde dat de aanslag maximaal € 5.766 mocht bedragen, berekend over de waarde minus de vrijstelling. Verweerder handhaafde de aanslag en stelde dat artikel 33, tweede lid, van de Successiewet een zelfstandige toepassing vereist, waardoor over het vrijgestelde deel toch schenkingsrecht verschuldigd is.
De rechtbank stelde vast dat eiseres recht heeft op de verhoogde vrijstelling en dat de verkrijging vrijgesteld is van overdrachtsbelasting. De rechtbank oordeelde dat artikel 33, tweede lid, van de Successiewet zelfstandig moet worden toegepast en dat de heffing van 6% over het vrijgestelde bedrag terecht is. De aanslag is correct berekend en het beroep ongegrond.
Er werd geen proceskostenveroordeling uitgesproken. Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij het gerechtshof te Leeuwarden.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt de aanslag schenkingsrecht inclusief de heffing van 6% over de verhoogde vrijstelling.