ECLI:NL:RBLEE:2010:BL9718
Rechtbank Leeuwarden
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- M.H. Severein
- Rechtspraak.nl
Onttrekking van minderjarige kinderen aan het wettig gezag na echtscheiding
De politierechter te Leeuwarden behandelde op 31 maart 2010 de zaak tegen verdachte die werd beschuldigd van het onttrekken van haar minderjarige kinderen aan het wettig gezag van haar ex-partner. Na hun echtscheiding oefenden zij gezamenlijk het gezag uit, vastgelegd in een vaststellingsovereenkomst van 3 maart 2008. Verdachte bracht de kinderen onder op een voor de ex-partner onbekend adres en hield zich niet aan de co-ouderschapsregeling.
De rechtbank oordeelde dat het handelen van verdachte kwalificeert als onttrekking aan het wettig gezag, omdat zij de andere gezagsdrager de mogelijkheid onthield om zijn gezag uit te oefenen. Het verweer van verdachte dat de vaststellingsovereenkomst was vervallen wegens verhuizing van de ex-partner naar Frankrijk werd verworpen, omdat het gezag van rechtswege aan hem toekwam.
Verdachte voerde overmacht of noodtoestand aan, maar dit werd niet aannemelijk geacht. Zij had andere wegen kunnen bewandelen, zoals hulp van de kinderbescherming of een rechterlijke uitspraak. De rechtbank hield rekening met de kwetsbaarheid van de jonge kinderen en veroordeelde verdachte tot een werkstraf van 80 uur, geheel voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar, als waarschuwing en mogelijkheid tot rehabilitatie.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een geheel voorwaardelijke werkstraf van 80 uur met een proeftijd van twee jaar wegens onttrekking van minderjarige kinderen aan het wettig gezag.