ECLI:NL:RBLEE:2009:BL1154
Rechtbank Leeuwarden
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Renteloze lening als informele kapitaalstorting en winstbepaling vennootschapsbelasting
Eiseres, een moedervennootschap binnen een fiscale eenheid, had van haar grootmoedermaatschappij een lening ontvangen waarvan een deel renteloos was verstrekt. De vraag was of de niet-betaalde rente over dit renteloze deel als een informele kapitaalstorting in de kostensfeer moest worden aangemerkt, waardoor deze niet tot de winst kon worden gerekend.
De rechtbank stelde vast dat het renteloze deel van de lening niet onder zakelijke voorwaarden was verstrekt. Eiseres had aannemelijk gemaakt dat een onafhankelijke derde geen rentepauze zou hebben gegeven en dat de lening achtergesteld was. Verweerder kon dit vermoeden van onzakelijkheid niet ontzenuwen, aangezien de aangevoerde motieven vooral aandeelhoudersbelangen betroffen en onvoldoende concreet waren.
De rechtbank oordeelde dat het voordeel van het niet verschuldigd zijn van rente niet tot de winst behoort en dat de renteaftrekbeperking van artikel 10 Wet Pro Vpb niet van toepassing was omdat de lening een vaste looptijd had en tijdig was afgelost. Het beroep werd gegrond verklaard, de aanslag verminderd en verweerder veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond en vermindert de aanslag vennootschapsbelasting door de fictieve rentelast niet tot de winst te rekenen.