ECLI:NL:RBLEE:2009:BI9723
Rechtbank Leeuwarden
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ontbindingsverzoek arbeidsovereenkomst Friesland Bank afgewezen wegens onvoldoende aannemelijkheid herplaatsingsonmogelijkheden
Friesland Bank verzocht de ontbinding van de arbeidsovereenkomst met een werknemer wegens gewichtige redenen in het kader van een reorganisatie en bood een ontbindingsvergoeding aan. De werknemer was sinds 1991 in dienst en had tijdelijk een functie als directieassistent op projectbasis aanvaard, waarbij onduidelijkheid bestond over terugkeer naar zijn oude functie.
De kantonrechter oordeelde dat de tijdelijke werkzaamheden niet leidden tot wijziging van de arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd. Het was niet aannemelijk dat de werknemer begreep dat hij zijn vaste aanstelling op het spel zette door de tijdelijke functie te aanvaarden. De brief waarin werd gesteld dat geen toezeggingen konden worden gedaan over het vervolg, moest worden gezien in de context van onzekerheid over toekomstige werkzaamheden.
Verder was onvoldoende onderbouwd dat herplaatsing onmogelijk was, mede gelet op de reorganisatie waarbij 250 arbeidsplaatsen zouden verdwijnen en het feit dat een deel daarvan door externen werd ingevuld. Er was geen sprake van een verstoorde arbeidsverhouding. De kantonrechter wees het ontbindingsverzoek af en veroordeelde Friesland Bank in de proceskosten.
Uitkomst: Het ontbindingsverzoek van Friesland Bank is afgewezen en de arbeidsovereenkomst blijft van kracht.