ECLI:NL:RBLEE:2008:BF6426
Rechtbank Leeuwarden
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Schending zorgplicht en schadebeperkingsplicht bij beleggingsovereenkomst
De zaak betreft een geschil over een beleggingsovereenkomst waarbij eiser stelt dat Achmea haar bijzondere zorgplicht heeft geschonden door geen nadere informatie in te winnen over zijn kennis en ervaring, waardoor hij schade heeft geleden. De rechtbank bevestigt dat Achmea deze zorgplicht heeft geschonden en dat er een causaal verband bestaat tussen deze schending en de schade van eiser.
Er bestaat onduidelijkheid over de omvang van de schade, waarbij partijen verschillen over het peilmoment voor de waardebepaling. Achmea stelt 25 oktober 2006 voor, terwijl eiser maart 2003 aanvoert. De rechtbank overweegt dat eiser vanaf het moment dat hij op de hoogte was van de waardedaling een plicht had om schade te beperken, wat hij niet heeft gedaan. Daarom wordt het schadebedrag vastgesteld per begin april 2003.
De schade wordt vastgesteld op het verschil in waarde tussen het Onderscheidend Obligatiefonds en het Onderscheidend Mixfonds (later Aandelenfonds) per 3 april 2003, zijnde €162.532,52. De aansprakelijkheid wordt verdeeld met 15% voor Achmea en 85% voor eiser, waardoor Achmea veroordeeld wordt tot betaling van €24.380, vermeerderd met wettelijke rente vanaf 4 april 2003.
Daarnaast wordt Achmea veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en buitengerechtelijke incassokosten, waarbij de incassokosten worden gematigd tot €1.158,00. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad verklaard en het meer of anders gevorderde wordt afgewezen.
Uitkomst: Achmea wordt veroordeeld tot betaling van €24.380 schadevergoeding, vermeerderd met wettelijke rente vanaf 4 april 2003, en proceskosten.