ECLI:NL:RBLEE:2008:BC4605
Rechtbank Leeuwarden
- Voorlopige voorziening+bodemzaak
- Rechtspraak.nl
Geen vergoeding voor behandeling anorexia met mandometermethode wegens onvoldoende wetenschappelijke onderbouwing
Verzoekster, lijdend aan anorexia nervosa sinds haar jeugd, verzocht vergoeding voor een behandeling volgens de mandometermethode in Zweden, welke circa €150.000 kost. Verweerder wees dit af op basis van adviezen van een medisch adviseur en het College voor Zorgverzekeringen (CVZ), die concludeerden dat de methode niet voldoet aan de stand van wetenschap en praktijk.
De voorzieningenrechter stelde vast dat de mandometermethode niet als doelmatige zorg kan worden beschouwd volgens art. 2 lid 2 BZA Pro, omdat slechts één beperkt en methodologisch zwak onderzoek (RCT van Bergh c.s. 2002) beschikbaar is, en de methode niet algemeen geaccepteerd is in richtlijnen of praktijk. Verzoekster kon geen overtuigend tegenbewijs leveren.
De rechtbank oordeelde dat verweerder zorgvuldig onderzoek heeft verricht en terecht de vergoeding weigerde. De medische noodzaak van de behandeling werd niet inhoudelijk beoordeeld, omdat dit niet tot vergoeding leidt. Het beroep werd ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen.
Tenslotte werd opgemerkt dat vanaf 1 januari 2008 de zorg voor anorexia onder de Zorgverzekeringswet valt, waardoor de bevoegdheid van de voorzieningenrechter beperkt is tot verzoeken vóór die datum.
Uitkomst: Het beroep van verzoekster wordt ongegrond verklaard en het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen wegens onvoldoende wetenschappelijke onderbouwing van de mandometermethode.