ECLI:NL:RBLEE:2007:BA9073
Rechtbank Leeuwarden
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Verzekeraars onterecht vernietiging verzekeringsovereenkomst na brand schip
De zaak betreft een geschil over de uitkering van de verzekerde waarde van het zeiljacht Bene Est, dat door brand verloren is gegaan. De eigenaar, [eiser], en zijn echtgenote werden als verdachten van brandstichting gehoord, waarna verzekeraars de uitkering op grond van polisvoorwaarden weigerden en de verzekeringsovereenkomst vernietigden. Diverse deskundigen hebben onderzoek gedaan naar de oorzaak van de brand, waarbij sommige rapporten een technische oorzaak niet uitsluiten en andere brandstichting als mogelijke oorzaak noemen.
De rechtbank beoordeelde de vorderingen van [eiser] en het verweer van Kuiper namens de verzekeraars. Kuiper stelde onder meer dat [eiser] niet ontvankelijk was, dat sprake was van verzwijging van relevante feiten, en dat de brandstichting door [eiser] was bewezen. De rechtbank verwierp deze verweren, onder meer omdat de verdenking van meineed tegen [eiser] niet tot vervolging leidde, en omdat de deskundigenrapporten onvoldoende bewijs leverden voor brandstichting door [eiser].
De rechtbank oordeelde dat de verzekeringsovereenkomst niet vernietigd had mogen worden, dat de verzekeraars gehouden zijn tot uitkering van de verzekerde som van € 226.890,01 vermeerderd met wettelijke rente, en veroordeelde de verzekeraars tot betaling en in de proceskosten. De vorderingen tot vergoeding van buitengerechtelijke kosten en overige schade werden afgewezen.
Uitkomst: Verzekeraars worden veroordeeld tot uitkering van de verzekerde som en de verzekeringsovereenkomst wordt niet vernietigd.