ECLI:NL:RBLEE:2006:AY5724
Rechtbank Leeuwarden
- Kort geding
- W.K.F. Hangelbroek
- Rechtspraak.nl
Vordering tot afgifte van scheepsopbouw wegens niet-nakoming en weigering retentierecht
In deze zaak vordert de aannemer de afgifte van een scheepsopbouw die door de onderaannemer is vervaardigd, omdat de onderaannemer niet tijdig de resterende werkzaamheden uitvoert. De onderaannemer beroept zich op een retentierecht wegens onbetaalde facturen, maar de voorzieningenrechter oordeelt dat dit retentierecht niet toekomt omdat de opbouw eigendom is van de onderaannemer en bovendien het beroep op het retentierecht in deze situatie in strijd is met de redelijkheid en billijkheid.
De rechter stelt vast dat de onderaannemer de afgesproken opleverdatum niet heeft gehaald en dat het bedrijf van de onderaannemer gesloten is vanwege de bouwvakvakantie, waardoor geen werkzaamheden aan de opbouw worden verricht. Hierdoor ontstaat een situatie van non-performance die de aannemer het recht geeft om de opbouw over te nemen en zelf de bouw voort te zetten.
De voorzieningenrechter veroordeelt de onderaannemer om binnen 48 uur na betekening van het vonnis de opbouw af te geven en legt een dwangsom op van €10.000 per dag met een maximum van €150.000. Tevens worden de proceskosten aan de zijde van de aannemer toegewezen. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: De voorzieningenrechter veroordeelt de onderaannemer tot afgifte van de opbouw binnen 48 uur met dwangsommen bij niet-nakoming.