ECLI:NL:RBLEE:2005:AU4684
Rechtbank Leeuwarden
- Kort geding
- W.K.F. Hangelbroek
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verbod op zoutwinning na instemming winningsplan en overschrijding beroepstermijn
Eisers, bestaande uit diverse dorpsbelangen en natuurlijke personen uit de regio, vorderden in kort geding een verbod op zoutwinning door Frisia Zout B.V. in het concessiegebied Barradeel II. Zij baseerden hun vordering op een eerdere bestuursrechtelijke uitspraak waarin de goedkeuring van het ontginningsplan uit 2002 was geschorst. Frisia stelde zich op het standpunt dat zij gerechtigd was tot winning op grond van een instemming met het winningsplan van juni 2004, waartegen geen tijdig beroep was ingesteld.
De rechtbank stelde vast dat de Mijnbouwwet sinds 1 januari 2003 van toepassing is en dat de concessie van Frisia is omgezet in een winningsvergunning. De instemming van de minister met het winningsplan van 28 juni 2004 is een bestuursrechtelijk besluit dat rechtsgevolgen heeft zolang het niet is geschorst of vernietigd. Eisers hadden het beroep tegen dit besluit ruim na de termijn van zes weken ingesteld, waardoor de bestuursrechter waarschijnlijk geen termijnoverschrijding zal vergoeden.
De rechtbank oordeelde dat de burgerlijke rechter in dit kort geding niet bevoegd is om de inhoudelijke bestuursrechtelijke belangenafweging te toetsen en dat Frisia zich in overeenstemming met de verleende instemming gedraagt. Eisers konden geen concrete onrechtmatigheid aantonen die een verbod op zoutwinning zou rechtvaardigen. De belangenafweging wees bovendien uit dat het verbod Frisia ernstige schade zou berokkenen, met mogelijk faillissement en werkgelegenheidsverlies, terwijl de door eisers gevreesde bodemdaling op korte termijn zeer onaannemelijk is.
Daarom wees de rechtbank het verzoek tot het opleggen van voorzieningen af en veroordeelde eisers in de proceskosten. De uitspraak werd gedaan door voorzieningenrechter W.K.F. Hangelbroek op 21 oktober 2005.
Uitkomst: Verzoek tot verbod op zoutwinning afgewezen wegens geldige instemming en te late beroepsprocedure.