ECLI:NL:RBLEE:2005:AT3489
Rechtbank Leeuwarden
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Vernietiging beslissing handhavingsverzoek ondanks geldende last onder dwangsom
Eiser heeft zich meerdere malen tot de gemeente gewend met verzoeken om handhavend op te treden tegen het hoveniersbedrijf van [C]. Verweerder heeft eerder een last onder dwangsom opgelegd aan [C], die nog steeds van kracht was tijdens de verzoeken van eiser. De rechtbank oordeelt dat zolang een last onder dwangsom geldt, geen nieuw besluit tot handhaving kan worden genomen.
De rechtbank stelt vast dat verweerder ten onrechte inhoudelijk op het handhavingsverzoek heeft beslist terwijl de last onder dwangsom nog niet was opgeheven of geschorst. De reactie van verweerder op het verzoek van eiser is een privaatrechtelijke rechtshandeling en geen besluit waartegen bezwaar of beroep openstaat.
De rechtbank verklaart het beroep van eiser gegrond en vernietigt het bestreden besluit, maar laat de rechtsgevolgen van het besluit in stand omdat het verzoek formeel al had moeten worden afgewezen. Het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen wegens ontbreken van causaal verband. Verweerder wordt veroordeeld tot vergoeding van het griffierecht.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit op bezwaar vernietigd, met in stand blijvende rechtsgevolgen.