ECLI:NL:RBLEE:2004:AU1606
Rechtbank Leeuwarden
- Kort geding
- W.K.F. Hangelbroek
- Rechtspraak.nl
Betwisting betaling en beslag op woning na aannemingsovereenkomst
Partijen sloten een aannemingsovereenkomst voor woninguitbreiding, waarbij eisers een deel van de facturen onbetaald lieten wegens vermeende gebreken. Gedaagde legde conservatoir beslag op de woning en verkreeg een arbitraal vonnis tot betaling van €13.948,01. Op 14 juni 2004 vond een gesprek plaats waarin eisers beweerden contant €14.000 te hebben betaald, met een ondertekend betalingsbewijs.
Gedaagde betwistte de volledige betaling en stelde dat het bewijs van betaling was vervalst, onderbouwd met diverse argumenten zoals het ontbreken van twee originele exemplaren en het feit dat eisers vertrokken zonder het restant te voldoen. De voorzieningenrechter oordeelde dat het bewijs van betaling slechts vrije bewijskracht heeft en dat eisers de betaling aannemelijk moesten maken.
Gezien de omstandigheden, waaronder het onwaarschijnlijke karakter van een contante betaling van dit bedrag, het ontbreken van finale kwijting en het gedrag van eisers, werd de betaling niet aannemelijk geacht. Daarom bleef het beslag op de woning gehandhaafd en werd de executie toegestaan. Eisers werden veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De voorzieningenrechter weigert het verzoek tot opheffing van het beslag en staking van de executie wegens onvoldoende bewijs van betaling.